Onderzoek en Vuur

De elementaire filosofie van de gever

De elementaire filosofie van de gever

De keuze tussen een besluit waarin een individu bepaald een gever of een nemer te zijn met alle consequenties, die er mogenlijk zouden kunnen gebeuren. Deze uit ervaring en bevestigd door lectuur met de inhoudelijke boodschap hoe je een betere wereld voor jezelf en anderen kan veroorzaken, zonder mensen te demoniseren omdat deze zelf hun eigen conclusie kunnen trekken. Uiteindelijk is niemand alleen maar goed of slecht en zijn de resultaten van gedrag het antwoord op de vraag.


De elementaire filosofie van de gever

De planeet aarde waarvan het oppervlak grotendeels uit water bestaat, is een planeet die in het teken staat van het principe die kringloop genoemd wordt. Alles gaat in denkbeeldige cirkels.

Kijk naar bijvoorbeeld de jaargetijden. De levenscycli van organismen. Het verschil van dag en nacht met zijn overgangen. De maanstand. Eb en vloed. Kortom alles wat met leven te maken heeft is afhankelijk van die cycli, die zich eindeloos lijkt te herhalen.

Een foutje, afwijking of weersomslag kan al flink schade toe brengen in een biotoop die afhankelijk is van voedsel wat op bepaalde tijden te verkrijgen is, voor andere organismen die daar hun levenscycli door de eeuwen heen, op af hebben gestemd.
Één keer zo’n afwijking is nog te overzien. Maar als de veranderingen en wisselvalligheden blijven duren. Jaar in jaar uit. Zullen de organismen die zich daar het beste op aan kunnen passen overleven ten koste van anderen die dat niet kunnen. Dat is dus het bekende verhaal van de evolutie.
De sterken zijn de meest flexibele dieren die zich kunnen aanpassen of het zijn de mazzelaars die toevallig al de juiste vaardigheden bezitten om net in die bepaalde omstandigheden te overleven.

De aarde heeft elementen. Grondstoffen, basisproducten of kenmerken die een sterke invloed hebben op het leven op aarde.

De taak van de elementen in een peulenschil

Water
Oceaan of zeewater, met het gemiddelde zoutgehalte van oerzeeën, dat ook in de baarmoeders van zoogdieren te meten is. Dus ook de mens. Of te wel de voortplanting en groeiproces is wat ingewikkelder geworden maar het principe, dat al het leven hoogstwaarschijnlijk uit de oceanen is gekomen, blijft het zelfde. Een bron van al het leven waar tot op de dag van vandaag nog steeds veel leven is.
De sneeuwtoppen, gletsjers, beekjes, stroompjes en rivieren als de levensaders van zoetwater biotopen en vooral als de rivieren diep genoeg zijn en dus geschikt voor de scheepvaart, ook de levensader van de economie.
Klimaat en weersomstandigheden in de vorm van warme en koude, hoge en lage drukgebieden, verdamping en neerslag, zoals regen, hagel en sneeuw, zorgen voor de aanvoer van water die de rivieren, poelen, vennen en meren nodig hebben om te blijven bestaan.

Aarde
Zandkorrels als minuscule kleine steentjes die in verschillende dichtheden met toevoegingen van humus, plantenresten, mest en andere anorganische stoffen, zoals mineralen en zouten of uit stofelementen bestaan, onderverdeeld in magnesium, ijzer, fosfor, natrium, calcium, kalium, nitraten en dergelijke. Klei, veengrond, zandgrond, grof en fijn, matig of robuust van structuur.
Grint, kiezels, stenen, keien, rotsen en bergen, kristallen, ijzer, edelmetalen in al zijn soorten, kleuren en waarden, hebben over het algemeen de duidelijke functie om houvast te geven aan de mossen, planten, struiken en bomen, en vormen zo grotendeels het karakter van een gebied of land.

Lucht
Wind, storm afhankelijk van het klimaat die droge lucht en koude met elkaar in botsing laat komen. Hoge druk gebieden, weersomstandigheden, verdamping van water, verzamelen van water in de lucht en het lossen van neerslag in al zijn vormen.
Warme wind dat zaden verspreid, roofdieren en prooidieren geur informatie verschaft om te overleven en molens aandrijft om energie op te wekken. Windstromingen en thermieken ( Soort warmte dat door de zon van de grond weerkaatst waarop roofvogels met weinig energieverbruik lang kunnen blijven zweven) worden door vogels, insecten en zaden gebruikt om te reizen.

Vuur
Krachtbron dat door blikseminslag en broeien van oververhitte droge grashopen spontaan kan ontstaan. Van alle organismen heeft alleen de mens dit element gebruikt. Vuur is eigenlijk ook het element dat de mensheid het meest heeft geholpen met de ontwikkelingen, waardoor we nu nog steeds leven. Zonder vuur zou de mens wel eens uitgestorven kunnen zijn. Niet alleen omdat het vuur bescherming gaf tegen wilde dieren maar ook volgens wetenschappers zou vuur een grote rol gespeeld kunnen hebben in het bedenken en verzinnen van nieuwe levensverlengende en arbeidsverlichtende ideeën bij kampvuren, die het soort mens mede de kans gaf om te worden wat we nu zijn.

Per slot van rekening is bijna alles wat je nu in deze beschaving ziet, in de winkel op straat, school, je werk, leefruimte zoals glas, olie, plastic, ijzer, staal, rubber, gereedschap, etc., etc. mede door vuur tot stand gekomen. Natuurlijk met behulp van de intelligentie en handen waarmee gedachten in handelingen om zijn gezet.

Deze vier elementen gebruiken wij nu om in leven te blijven. Zonder water, aarde, lucht en vuur was deze planeet er gewoon niet geweest.

De aarde geeft: Dat is de basis waarop planten kunnen groeien, dieren en mensen erop en van kunnen leven. De aarde ontvangt de dorre bladeren die door bacteriën tot anorganische stoffen zouten en mineralen worden omgezet. Zo ook met dode dieren en mensen, ontvangt de aarde de voedingsstoffen om ze vervolgens weer te geven aan planten, dieren en mensen om er van te leven. Aarde lijkt te nemen bij modderstromen, aardverschuivingen en vulkaanuitbarstingen, maar geeft in veel gevallen vruchtbare bodem voor de fauna.

Lucht geeft: Grassoorten, struiken en bomen wortelen beter zodat ze groot kunnen worden. |Dit element verplaatst zuurstof en andere vluchtige gassen. Het verplaatst warmte van de zon dat weerkaatst op de aarde en zuurstof van de fauna. Waardoor water verdampt en die water moleculen ontvangt om het vervolgens naar boven te vervoeren wat in de vorm van neerslag op de aarde terug wordt gegeven. Ook lijkt lucht te nemen als er een storm woedt die plant boom, dier en mens schade aan kan richten. Uiteindelijk is de schade voor de aarde die dat dan weer ontvangt.

Water geeft: Zaden ontkiemen, dieren en mensen drinken, planten,en bomen groeien, het waterleven heeft een omgeving waarin het kan leven en overleven. Maar water ontvangt ook, in de vorm van urine en neerslag maar ook industrie afval en riolering. Ook lijkt water te nemen bij overstromingen, lawines, vloedgolven en heftige regenbuien. Uiteindelijk geeft de verwoesting de natuur en de mens een kans om weer alles opnieuw op te bouwen. Neerslag dat de poelen, vennen, meren, beekjes, stroompjes, rivieren, zeeën en oceanen vult geeft organismen de kans om hun cycli te volbrengen zodat het soort kan blijven overleven.

Vuur neemt: Het vuur verbrand zuurstof, hout, steenkool, olie, gas en eigenlijk alles wat het nodig heeft om te blijven bestaan. Vuur kan ook geven, zodra het onder controle wordt gehouden. Voor controle is intelligentie nodig. Door die intelligentie heeft de mens met gebruik van vuur makkelijker weten te overleven. De metaal, olie en eigenlijk alle andere industrie gebruiken vuur om grondstoffen tot producten te vervaardigen. In grote natuurgebieden geeft vuur ook. Eens in de zoveel tijd ontstaan er bosbranden om de grond vruchtbaar te maken. Zaden die de bosbrand nodig hebben gehad om te ontkiemen vormen dan met behulp van het as een nieuwe generatie vegetatie. In dichtbevolkte gebieden met weinig natuur is die natuurlijke methode van radicale scheikunde niet gewenst. Maar dat begrijpt u natuurlijk al. Vuur ontvangt van dieren een natuurlijke vorm van ontzag. Het betekent gevaar. Als er ergens brand uitbreekt hebben mensen dat ook. Want vuur in combinatie met lucht en brandstof kan dodelijk zijn.

Ben jij een gever of een nemer?

Geef je uit vrije wil? Geef je uit berekening? Of kun je niet geven?

Als je niet kan geven kan je ook niet ontvangen. Als je niet kan ontvangen voel je, je leeg.
Zodra je, je leeg voelt ben je niet tevreden met jezelf. Dan veroorzaak je iets waardoor de leegte wordt opgevuld. Dat is onvrede. Zo kort en simpel is de basis van een mens met de levensvisie van een nemer.

Met snoepen, eten, spulletjes kopen, vakanties houden, feesten of organiseren, heel hard en veel werken als afleiding, om de onvrede in jezelf, door niet echt te kunnen geven, even te vergeten. Een nemer geeft uit berekening. Dat is dus niet echt gemeend. Een nemer verwacht er iets voor terug. Ik geef toch iets? En dan is het nog niet goed genoeg? Ik ben het slachtoffer en alle andere die dat niet zo vinden zijn tegen mij. Een nemer gaat vrienden kopen met feesten, cadeaus en overdreven vriendelijk gedrag. De nemer is eigenlijk diep ongelukkig. Maar verbloemt dat door de vertegenwoordiger te spelen van het eigen etalagegedrag. Kijk eens hoe goed het met me gaat. Ik ben gelukkig en jij? Ben jij ook een nemer? Zijn we gelijk gestemd? Wil je erbij horen? Wil je goedkeuring? Kan ik je ergens jaloers mee maken? Ach, toe ben eens jaloers dat geeft me voldoening. Voor even.

Onvrede door het eigen gedrag. Jaloezie vanwege de onvrede. Verdriet van trauma’s en boosheid uit frustratie, komt tot uiting als deze nemer in aanraking komt met een sterke gever. Nemers hebben gevers nodig om te parasiteren. Teveel gevers of een sterke gever is een bedreiging voor een nemer. De nemer zou wel eens door de mand kunnen vallen en terug gefloten kunnen worden. Alles is positiebepaling voor een nemer die overmatig positief gedrag als pijnlijk ervaart.
Dat uit zich in negatief gedrag. Een nemer zoekt een prooi om er op te kunnen projecteren. Maar zoekt ook een compagnon om zich veilig te voelen en een naïeve gever die van tijd tot tijd even bij komt tanken.
Overeenkomstige gedragspatronen die mensen hebben met een vreselijke onvrede is het slecht praten van andere mensen die niet helemaal voldoen aan het gewenste gedragspatroon die zij belangrijk vinden. Ze zoeken herkenning bij elkaar om lekker te kunnen spuien.
De rede ervan is een ontlading van negatieve energie. Dat lucht op.
Net als het eten, spulletjes kopen en vakanties houden, feesten en veel werken als afleiding. Maar de onvrede blijft.

Iemand anders negatief beoordelen en daar gelijkgezinden voor zoeken of creëren is het verspreiden van die onvrede. Dat is precies wat een nemer doet. Want een nemer wil je jaloezie en jouw onvrede zien. Het liefst dat je ook nog kwaad en ongenuanceerd wordt. Zodat het duidelijk is dat jij de foute bent en niet de nemer. Alleen dat geeft de nemer voldoening. Voor even.

Als een nemer door de mand valt

Zodra het gedrag van de nemer opvalt en niet wordt gewaardeerd. Zal de nemer in een woedeaanval kunnen knallen. Vooraf gegaan met een huilbij al dan niet hysterisch en ongecontroleerd. Daarna een periode van depressiviteit. Alsof je een drugsverslaafde hebt opgesloten en alle pogingen tot verkrijging van de drug ontzegt.
Uiteindelijk gaat de nemer puur uit strategische overweging overstag laat ieder geloven dat deze zijn of haar gedrag inziet.
In woorden kunnen ze zich profileren dat het gedrag nadelig was voor zichzelf en de omgeving. Maar het bewijzen van de woorden zodat deze ook een betekenis krijgen gaat hen slechter af.
De nemer moet eerst tot inzichten komen en voor keuzen komen staan, waarin hij of zij zichzelf kan bewijzen of deze de weg van de nemer kiest of die van de gever. Dit kan alleen als de partner, vriend(in) of naaste familielid de moed heeft om de nemer terug te fluiten. Als de partner, vriend(in) of familielid zelf een nemer is, heeft het eigenlijk geen zin omdat men elkaar instant houdt. Een nemer kan opeens besluiten een gever te worden. Meestal hebben ze daarvoor een heftige ervaring nodig of zijn ze op één of andere manier tot inkeer gekomen.

De gever is een ontvanger. Deze weet te ontvangen omdat deze of gene geeft met volle overtuiging en vertrouwen, zonder er iets voor terug te verlangen. Uiteindelijk moet de gever zichzelf wel beschermen tegen de nemers, door een nemer te confronteren met de kenmerken van een nemer, zodat deze zichzelf zou kunnen herkennen. Vaak is de nemer er niet bewust van omdat deze het vanuit een opvoeding heeft meegekregen, die gevoed is door een overtuiging die nauw samen heeft gewerkt met de economisch hongerende en consumptie opwekkende ideologie, die het principe van de nemer alleen maar heeft gestimuleerd.

De gever is als een hengel. Hij of zij heeft het vermogen om met weinig moeite energie, plezier en kracht te halen uit de kleinste dingen. Een gever is een herkauwer van energie die daar vreselijk lang op kan functioneren. Deze vangt de energie als de denkbeeldige vis met de denkbeeldige hengel en vangt ter zijner tijd wel weer een nieuwe. Zo ontvangt de gever de eer van krachten die hem of haar van innerlijke rijkdom voorziet.
Spullen die je koopt, voedsel dat je eet de reisjes die je maakt, beleef je dan door een heel ander perspectief. Dat is ook logisch omdat je geen onvrede hebt. Met die denkbeeldige energie hengel of radio om goed af te stemmen, ben je verzekerd van een vangst en een zender die je ontvangt. De mate waarin bepaald slechts de intensiteit waarmee je in de materie verdiept en handelt.
Ontvangen is lenen en respect dat je geeft voor het geen wat je ontvangt. Krijgen kan niet omdat jezelf ook een keer dood gaat. Je leent alles voor even en daar bedank je voor in de vorm van respect.

Als de gever de nemer geen tegengas geeft

Water heeft een zelfreinigend vermogen. Deze geeft en ontvangt en neemt zo nu en dan. Zodra een element neemt moet je opgevallen zijn dat het altijd destructief is. Dat is op zich niet verkeerd voor een keer. Maar elke dag een tzunamie geeft de natuur en toerisme nooit de kans om zich te herstellen.
Mensen trekken weg en overlevende organismen in het water op koraalriffen krijgen geen kans op herstel van de soort, zodat deze weg gaan of uitsterven. Net zoals onophoudelijke wereldwijde vulkaanuitbarstingen en onblusbare branden of aanhoudende harde luchtverplaatsingen die alles wegblazen.
De aarde zou uitsterven door gebrek aan zonlicht van de vulkaangassen en rook, Vuur zal zuurstof verbranden en water doen koken en de wind zuigt alles wat dan nog over is, het leven uit, waardoor er wel een heel raar dier in afzienbare tijd moet evalueren om dat te overleven. Dus dat is duidelijk. Nemen in overmaat is niet oké.
Zolang je maar geeft in alle eerlijkheid. Zoals jagers van stammen hun prooidieren bedanken en respect geven voor het vlees en huid dat ze van de natuur hebben genomen. Daardoor ontvangen de jagers de kans om zich te voeden en kleden.
Teveel en overmatig jagen, vissen en landbewerking sterft het prooidier uit en verarmd de aarde. Waardoor weer een nieuw woud omgelegd wordt om landbouw te bedrijven.

Als het water in een ven vervuild wordt kan dat gevolgen hebben. Micro biotopen worden beschadigd en raken uit evenwicht of sterven zodanig af dat andere schadelijke organismen de zaak over nemen. Toch kan water zich herstellen als het de kans krijgt.
Maar als de vervuiling blijft duren, kan het water niet meer geven. Het water raakt ontregeld en kan niet meer ontvangen waardoor het zijn zelfreinigend vermogen verliest en gaat nemen.
Overmatige sterfte van het leven in water wat niet meer opgeruimd wordt verrot met alle gevolgen van dien.
Het ven sterft uit. Waardoor op den duur het grondwater verziekt wordt. Kraakheldere meren ergens in Scandinavië blijken zodanig verzuurd te zijn dat er werkelijk niets meer in leeft. Dat zijn gebieden zo groot als de Flevopolder waar we het dan over hebben.
Dat gebeurt dus ook met een gever die vaak in aanraking komt met mensen die overwegend nemen. De nemer verziekt de gever waardoor de gever gaat nemen om te overleven. Dat versnelt het proces van onvrede alleen maar, omdat de gever heeft geweten hoe het was om te ontvangen. Als de gever dan nog steeds niet ingrijpt zal deze alle pogingen en middelen om te overleven op moeten voeren om de zelfde kick van levensvreugde te mogen blijven ervaren.
De gever gaat vluchten en vestigt alle hoop op de strategie van de nemer, zoals eten, spulletjes kopen, reizen, feesten, organiseren, werken, drank en drugsgebruik. Totdat de koek op is.
De gever is een nemer geworden en zal dat blijven totdat de nemer geen nemer wil zijn en de andere nemer eindelijk de keuze geeft.

De pest alleen is dat ervaren nemers altijd weer de weg van de minste weerstand kiezen en elk mogelijk argument, voorval of communicatie een rede geeft om in de oude gebruiken te vervallen. Het lijkt een verslaving. Dan is de tijd voor de gever gekomen om zelf een keuze te maken.

Tot slot

Het principe blijft dat gevers geen extra middelen nodig hebben om meer te kunnen ervaren. Het omgekeerde is waar omdat gevers, geven in kracht en overtuiging, van positieve energie. Wat niet weg neemt dat een gever niet minder geniet van een verre reis of een spetterend feest. Juist alleen maar intenser en langer omdat deze maar weinig nodig heeft om een bepaalde piekervaring te kunnen ervaren, die vaak nog jaren later steeds als een mooie herinnering herbeleeft kan worden. Een gever oordeelt niet over wie goed is en wie slecht. Dat doen nemers om zichzelf goed te voelen. Een gever confronteert in eigen gedrag. De kracht van de gever zit in de duurzaamheid. Deze hoeft niet gelukkig te doen en andere mensen de ogen uit te steken met wat dan ook. Deze hoeft de nemers alleen maar te geven in de hoop dat ze eindelijk stoppen zichzelf zo te martelen door anderen moedwillig te beschadigen met hun eigen verdriet, frustraties en negativiteit.

Boedisme schijnt een manier van leven te zijn waar deze basis bestanddelen in voorkomen. Let wel. Letters zijn maar letters. Een papagaai kan ze leren uitspreken. Alleen jij kunt er betekenis aan geven door ze te bewijzen in gedrag.
© 2007 - 2009 Danty, gepubliceerd in Onderzoek (Wetenschap) op 20-01-2007. Het auteursrecht van dit artikel ligt bij de infoteur. Zonder toestemming van Danty is vermenigvuldiging van dit artikel verboden. Meer...

Verwante artikelen


Reageer op het artikel "De elementaire filosofie van de gever"


Er zijn nog geen reacties geplaatst op dit artikel.