Sterrenkunde en Zonnestelsel

Formaties in het heelal

Formaties in het heelal

Veel mensen hebben wel eens van de begrippen zonnestelsel en sterrenstelsel gehoord. Het verschil is niet altijd duidelijk voor leken. Dit zie je in de ondertiteling van sciencefiction films, daar worden de twee constant door elkaar gehaald. Hoe zit het heelal in elkaar? Wat zijn de grootste formaties?


Aarde is onze thuisplaneet. Het is er één van de acht, want Pluto telt niet meer mee. Een planeet is een hemellichaam dat door zijn eigen zwaartekracht min of meer rond is geworden, zijn omgeving heeft gezuiverd van andere objecten en rond een ster/sterren draait. Sommige planeten zijn vast, de rotsplaneten in de binnenste kringen van ons zonnestelsel (Mercurius, Venus, Aarde, Mars). Deze planeten draaien om onze zon (Sol). Buiten de baan van Mars ligt de asteroïdengordel, een ring van gesteente die de binnenste planeten van de buitenste scheidt. De buitenste planeten zijn de gasreuzen (Jupiter en Saturnus) en de IJsreuzen (Uranus en Neptunus). Daarbuiten liggen de ijsdwergen en andere zogenaamde Kuipergordel objecten, een soort van tweede asteroïdengordel. Bijna alle planeten hebben manen, dat zijn dwergplaneten die om de grotere planeet heen draaien. Aarde heeft er maar één (Luna), maar de gasreuzen hebben er tientallen. Om de zon draaien ook nog eens kometen, grote ijsbrokken die kilometers lange staarten van gesmolten ijsdeeltjes achterlaten als ze dichterbij de zon komen. Samen heet deze hele club het zonnestelsel. Een zon is een ster waar jouw planeet om heen draait. Eigenlijk zijn alle sterren dus zonnen, en is onze zon ook gewoon een ster (een zogenaamde gele dwerg, een kleintje dus). Al die sterren hebben ook weer planeten (sommigen delen planeten met elkaar), en vormen dus ook zonnestelsels.

Die zonnestelsels vormen groepen, aangetrokken door elkaars zwaartekracht. Deze sterrenclusters vormen samen weer de zogenaamde sterrenstelsels (in a galaxy far, far away…). Er bestaan verschillende soorten sterrenstelsels. Sommigen zijn simpele bollen, of hebben geen duidelijke vorm. Anderen draaien om een kern, waar de sterren dichter op elkaar staan. Dit zijn de bekende spiraalstelsels. De Melkweg (ons sterrenstelsel) is een spiraalstelsel. Het is dus een schijf en geen bol, en heeft een kern en spiraalarmen. Wij bevinden ons met ons Sol stelsel in een uitloper die de Orion arm wordt genoemd. De Melkweg bevat zo’n 200 miljard sterren. Neem aan dat elke ster zo’n vijf à acht planeten heeft. Hoeveel planeten moeten er dan wel niet in de Melkweg zijn? De kans op ander leven binnen ons sterrenstelsel moet volgens de astrobiologie dan ook ontzettend groot zijn.
En die sterrenstelsels zijn nog lang niet de grootste formaties. Hoewel de meeste sci-fi films zich binnen één sterrenstelsel afspelen, is de Melkweg slechts een fractie van het totaal. Het is in de astronomie al jaren bekend: hoe meer we over het heelal te weten komen, hoe nietiger we worden.

Een groep van zo’n dertig sterrenstelsels, waaronder de Melkweg, vormt samen de Lokale Groep. Deze groep is weer onderdeel van de Virgo supercluster, waarvan de Virgo cluster het midden is. Waarschijnlijk vormen de superclusters ook weer structuren, maar daar is de astronomie nog niet zeker van.
Al met al moeten er dus zoveel planeten zijn, dat er geen woord voor is. Er zit vreselijk complexe natuurkunde achter deze vele formaties. De kans op ander leven in ons heelal is onvoorstelbaar groot, en dan gaat het in dit artikel niet eens over een multiversum. Het multiversum is nog niet volledig bewezen, maar het betekent dat er meer dan één universum is, en dat alle universa samen het multiversum vormen.
© 2006 - 2009 Joeri, gepubliceerd in Sterrenkunde (Wetenschap) op 10-12-2006. Het auteursrecht van dit artikel ligt bij de infoteur. Zonder toestemming van Joeri is vermenigvuldiging van dit artikel verboden. Meer...

Verwante artikelen


Reageer op het artikel "Formaties in het heelal"


Door Marc op 09-01-2007

Goed leesbaar want vlot geschreven artikel. Jammer dat de auteur over buitenaards leven begint, dat heeft nl. niks te maken met de strekking en is afleidend.

Bovendien klopt de stelling "het multiversum is nog niet volledig bewezen" van geen kant, want het multiversum (wat een tegenspraak in zichzelf is) is op geen enkele manier bewezen. Laat de wens niet de vader van de gedachte zijn. Zoals gezegd, verder prima leesbaar.