Economie en Buitenland

Economie: het buitenland - vrijhandel en protectie

Praktisch alles wat de Nederlander dagelijks gebruikt is in de een of andere vorm afkomstig uit het buitenland. De rijkdom van Nederland valt en staat met de groei van de internationale handel. In dit artikel aandacht voor: vrijhandel en protectie; economische integratie; de betalingsbalans; en internationale liquiditeiten.


Vrijhandel en protectie

theorie van de comparatieve kosten:
Ten gevolge van relatieve kostenverschillen ontstaan er handelsstromen; de daaruit ontstane voordelen zullen voor de handelspartners groter worden, wanneer ieder land zich specialiseert in de voortbrenging van die producten, waarin het relatieve kostenvoordeel het grootst is.

protectie
Dit is de bescherming van de eigen bedrijvigheid tegen de concurrentie uit het buitenland.
Vormen van protectie zijn:
  • invoerrechten
  • contingenteringen of kwantitatieve restricties
  • non-tarifiaire belemmeringen
  • exportsubsidies
  • handelsverdragen

Argumenten vóór protectie zijn onder meer:
  1. het opvoedingsargument (infant industry)
  2. het werkgelegenheidsargument
  3. het antidumpingsargument (waardoor de markt sterk ontregeld kan worden)
  4. het zelfvoorzieningsargument

Economische integratie

vrijhandelszone
Een vrijhandelszone is een gebied bestaande uit twee of meer landen, waarbinnen de onderlinge handelsbelemmeringen zijn afgeschaft. Ten opzichte van derde landen worden de eigen tarieven gehanteerd.

douane-unie
Een douane-unie is een gebied bestaande uit twee of meer landen, waarbinnen de onderlinge handelsbelemmeringen zijn afgeschaft. Ten opzichte van derde landen wordt een uniform tarief gehanteerd.

economische unie
Een economische unie bestaat uit twee of meer landen die hebben afgesproken dat:
  • er tussen hun landen een vrij verkeer van goederen, personen en kapitaal is;
  • de vaststelling en uitvoering van de economische politiek gemeenschappelijk gebeurt;
  • tegenover de buitenwereld een gemeenschappelijke politiek wordt gevoerd.

Met betrekking tot de Europese Gemeenschappen noemen we:
  • de instellingen van de EG (Europese Commissie, de Raad van Ministers, het Europese Parlement);
  • het landbouwbeleid;
  • monetaire eenwording.

De betalingsbalans

Een betalingsbalans is een overzicht van alle betalingen aan en van het buitenland gedurende één jaar.

Betalingsbalans op kasbasis: alleen de feitelijke geldbetalingen en -ontvangsten worden geadministreerd.
Betalingsbalans op transactiebasis: de administratie van de goederenstroom (door het CBS)
Formeelevenwicht: het evenwicht op de betalingsbalans inclusief de goud- en deviezenbalans; dit evenwicht is altijd aanwezig.
Materieel evenwicht: evenwicht op de lopende rekening plus kapitaalrekening samen.
Fundamenteel evenwicht: evenwicht van de lopende rekening plus het structurele kapitaalverkeer.
Ruilvoet = prijsindexcijfer uitvoer : prijsindexcijfer invoer x 100

De koersvorming

De (wissel) koers is de prijs van de ene geldeenheid uitgedrukt in de andere geldeenheid. Er zijn twee soorten:
  • volkomen vrije koersvorming
  • vaste koersen

appreciatie: de waardestijging van een valuta ten opzichte van een andere valuta op de valutamarkt.
depreciatie: de waardedaling van een valuta ten opzichte van een andere valuta op de valutamarkt.
Beheerst zweven: een stelsel van vrij zwevende wisselkoersen, waarbij de centrale bank desondanks intervenieert ten einde de wisselkoersontwikkeling in een door haar gewenste richting te sturen.
Devaluatie: een verlaging van de spilkoers.
Revaluatie: een verhoging van de spilkoers.

Gevolgen van een pariteitswijziging
Ten gevolge van een revaluatie worden de goederen van het revaluerende land voor het buitenland duurder; hierdoor daalt het exportvolume. In geval van een elastische exportvraag daalt ook de exportwaarde.
Buitenlandse goederen worden voor het revaluerende land goedkoper; hierdoor stijgt het importvolume. In geval van een elastische importvraag stijgt de importwaarde. Genoemde ruilvoetverbetering leidt dan per saldo tot een verslechtering van de handelsbalans.

Internationale liquiditeiten

Internationale liquiditeiten zijn alle betaalmiddelen die in het internationale betalingsverkeer algemeen aanvaard worden plus alle mogelijkheden van de monetaire autoriteiten om op korte termijn over dergelijke betaalmiddelen te kunnen beschikken.

Internationale liquiditeiten omvatten:
  • monetaire reserves (goud, sdr's (special drawing rights), reservepositie in het IMF, deviezen)
  • kredietfaciliteiten
  • buitenlandsgeld

Internationale Monetaire Fonds (IMF)

Bij de voorziening in internationale liquiditeiten speelt het Internationale Monetaire Fonds (IMF) een belangrijke rol. Het doel van het IMF is het bevorderen van een ordelijke internationaal betalingsverkeer met stabiele wisselkoersen. Bij betalingsbalansonevenwichtigheden stelt het IMF middelen ter beschikking om tot een soepele aanpassing te komen.

Meer over economie is te lezen in mijn special De economische wetenschap - Wat houdt economie in?
© 2008 Etsel, gepubliceerd in Economie (Wetenschap) op 17-09-2008, laatst gewijzigd op 23-09-2008. Het auteursrecht van dit artikel ligt bij de infoteur. Zonder toestemming van Etsel is vermenigvuldiging van dit artikel verboden. Meer...

Verwante artikelen


Reageer op het artikel "Economie: het buitenland - vrijhandel en protectie"


Er zijn nog geen reacties geplaatst op dit artikel.