InfoNu.nl > Wetenschap > Diversen > Inspanningsfysiologie; de energiesystemen bij sporten

Inspanningsfysiologie; de energiesystemen bij sporten

Tijdens inspanning is de behoefte aan energie in de vorm van adenosinetrifosfaat (ATP) hoger. Deze ATP kan geleverd worden door de verschillende energiesystemen. Er zijn anaerobe energiesystemen, zoals de alactische en lactische aneaerobe energiesystemen en de aerobe energiesystemen. Binnen verschillende sporten worden verschillende energiesystemen gebruikt, maar vaak zijn een, of twee energiesystemen dominant. Bij een 100 meter sprint wordt 90% van de ATP anaeroob geproduceerd. Bij het samenstellen van een trainingsschema moet goed beoordeeld worden welke energiesystemen het meest gebruikt worden binnen de sport.

Een kort overzicht van de energiesystemen

Het lichaam heeft constant energie nodig. Tijdens sporten en bewegen heeft het lichaam meer energie nodig. Alle energie die het lichaam nodig heeft wordt geleverd door de splitsing van adenosinetrifosfaat (ATP) in adenosinedifosfaat (ADP) en fosfaat (P). Er is dus constant behoefte aan ATP en bij inspanning is er meer ATP nodig om de samentrekkende spiercellen van energie te voorzien. De spiercellen hebben verschillende routes om constant ATP te leveren om te kunnen samentrekken. Deze routes om ATP te leveren, worden energiesystemen genoemd. Hieronder worden de verschillende energiesystemen opgesomd. De energiesystemen staan opgesomd van snelle, naar langzame energiesystemen. Hoe sneller het energiesysteem, hoe sneller ATP gevormd kan worden, maar ook hoe sneller het energiesysteem is uitgeput. De eerste twee energiesystemen zijn anaerobe energiesystemen. De laatste twee energiesystemen zijn aerobe energiesystemen.

Anaeroob alactisch energiesysteem; fosfaatvoorraad; ATP-CP-systeem

Er is in de spieren een kleine hoeveelheid ATP en creatinefosfaat (CrP) opgeslagen. Deze zogenaamde fosfaatvoorraad levert ATP voor de eerste tien tot twintig seconden zeer intensieve inspanning.

Anaeroob lactisch energiesysteem; glycolyse

In de glycolyse worden glycogeen en glucose zonder zuurstof afgebroken. Hierbij ontstaan lactaat en waterstofionen. De waterstofionen veroorzaken verzuring. De glycolyse kan tot maximaal drie minuten ATP leveren.

Aeroob energiesysteem; koolhydraatverbranding

In de koolhydraatverbranding wordt glycogeen en glucose met zuurstof afgebroken om ATP te leveren. De koolhydraatverbranding levert trager ATP, dan de glycolyse, maar veroorzaakt geen verzuring en er wordt meer energie gehaald uit de beschikbare glycogeen en glucose. Bij zeer zware aerobe inspanning is de glycogeenvoorraad binnen 90 minuten uitgeput.

Aeroob energiesysteem; vetverbranding

Hoewel de vetvoorraad bijna onuitputtelijk is, levert de vetverbranding het traagst ATP. Bij met name inspanning van lage intensiteit levert de vetverbranding de meeste ATP.

Bij alle sporten worden bijna alle energiesystemen gebruikt

Zoals de energiesystemen beschreven zijn, lijkt het alsof bij bepaalde sporten, maar een energiesysteem ATP levert. Dit is echter niet zo. Bij alle sporten worden zowel de anaerobe, als aerobe energiesystemen gebruikt. De relatieve bijdrage van de verschillende energiesystemen verschilt echter per sport. Zo is onderstaande tabel (tabel 1. Relatieve bijdrage van de energiesystemen aan de totale energieproductie) te zien wat de relatieve bijdrage is van de anaerobe en aerobe energiesystemen bij maximale inspanning van verschillende duur.

Tabel 1. Relatieve bijdrage van de energiesystemen aan de totale energieproductie

Tijdsduur van de maximale inspanning10 seconden30 seconden60 seconden2 minuten4 minuten10 minuten30 minuten60 minuten120 minuten
Relatieve bijdrage van de anaerobe energiesystemen908070503515521
Relatieve bijdrage van de aerobe energiesystemen1020305065859899

Training moet zich richten op het dominante energiesysteem

Wanneer sporters samen met hun trainer, coach, of inspanningsfysioloog een trainingsschema opstellen, moeten zij eerst hun sport analyseren en beoordelen welke energiesystemen het meest gebruikt worden binnen hun sport. Vervolgens moet deze energiesystemen het meest getraind worden.

Lees verder

© 2014 - 2017 Wieschrijft, het auteursrecht van dit artikel ligt bij de infoteur. Zonder toestemming van de infoteur is vermenigvuldiging verboden.
Gerelateerde artikelen
Sportanalyse binnen de (sport)fysiotherapieBinnen de (sport)fysiotherapie is een gedegen sportanalyse onontbeerlijk. De sportanalyse is een van de basiselementen b…
Onderdelen van de sportanalyse bij voetbalBinnen de (sport)fysiotherapie is een gedegen sportanalyse onontbeerlijk. De sportanalyse is een van de basiselementen b…
Inspanningsfysiologie; anaerobe energiesystemenAlle energie die de spieren nodig hebben, wordt geleverd door de splitsing van adenosinetrifosfaat (ATP) in adenosinedif…
Rode bietensap om de sportprestatie te verbeterenRode bietensap is de nieuwste hype binnen de duursport, zoals wielrennen, mountainbiken en hardlopen. Rode bietensap zou…
Inspanningsfysiologie; specificiteit van trainingOm een goed trainingsschema samen te stellen. Een goed trainingsschema wordt samengesteld op trainingsprincipes. Deze tr…
Bronnen en referenties
  • William D. McArdle, Victor L. Katch, & Frank I. Katch (2014) Exercise Physiology, Nutrition, Energy, and Human Performance, LWW Philadelphia

Reageer op het artikel "Inspanningsfysiologie; de energiesystemen bij sporten"

Plaats als eerste een reactie, vraag of opmerking bij dit artikel. Reacties moeten voldoen aan de huisregels van InfoNu.
Meld mij aan voor de tweewekelijkse InfoNu nieuwsbrief
Infoteur: Wieschrijft
Laatste update: 05-11-2015
Rubriek: Wetenschap
Subrubriek: Diversen
Special: Voeding en metabolisme
Bronnen en referenties: 1
Schrijf mee!