Wat betekenen de getallen bij internetsnelheden echt?
Wanneer je internetabonnementen vergelijkt, zie je vaak veel gegevens over de snelheid. Dat wordt uitgedrukt in getallen, zoals 100 Mbit/s of 1 Gbit/s. Maar wat betekenen die getallen precies? En wat merk je ervan in de praktijk? Om snelheden goed met elkaar te kunnen vergelijken, moet je eerst weten wat je precies meet.
Wat is het verschil tussen bits en bytes?
Internetsnelheden worden bijna altijd uitgedrukt in bits per seconde. Een verbinding van 100 Mbit/s kan in theorie 100 megabit aan gegevens per seconde overdragen. Het is goed om te weten dat er een verschil tussen bits en bytes is. Dat verschil zorgt vaak voor verwarring. We hebben het meestal over bytes als het om bestanden op je computer gaat. We hebben het vaak over bits als het om internetsnelheid gaat. Ze zijn wel met elkaar verbonden.
Dat zit zo: een byte bestaat uit acht bits. Een internetsnelheid van 100 Mbit/s betekent daarom niet dat een bestand van 100 megabyte in een seconde binnen is. De theoretische maximale downloadsnelheid bedraagt namelijk 100 gedeeld door 8, oftewel 12,5 megabyte per seconde. Bij een verbinding van 1 Gbit/s (oftewel 1000 Mbit/s) is dat ongeveer 125 megabyte per seconde.
Van 56 kbit/s naar gigabits
In de beginjaren van het internet waren dergelijke snelheden ondenkbaar. De meeste huishoudens maakten in de jaren negentig gebruik van een inbelmodem. Een snel modem haalde toen zo’n 56 kbit/s. Gebruikte iemand anders de telefoonlijn, dan werd de verbinding met het internet verbroken. Niet erg handig, dus.
Het verschil met de moderne verbindingen is enorm. Een verbinding van 1 Gbit/s is op papier bijna 18 duizend keer zo snel als een 56k-modem uit de jaren negentig. Een bestand van 100 megabyte kon vroeger uren en uren kosten om binnen te halen. Met een moderne glasvezelverbinding haal je hetzelfde bestand in een seconde binnen.
Hoeveel internetsnelheid heb je echt nodig?
Al die supersnelle internetverbindingen zijn fijn, maar ze zijn niet per se noodzakelijk. Voor het bekijken van een website, het versturen van een e-mail of het gebruik van sociale media is 100 Mbit/s ruim voldoende, afhankelijk van de grootte van je gezin. Ook het streamen van films vraagt minder bandbreedte dan mensen denken. Een 4K-videostream gebruikt meestal slechts enkele tientallen megabits per seconde.
Hoe groter je gezin, hoe meer je van je verbinding vraagt. Voor een huishouden met één of twee personen kun je met 100 Mbit/s prima uit de voeten. Maar als je een gezin met vier personen hebt die tegelijkertijd bestanden downloaden, gamen en videobellen, is 200 tot 500 Mbit/s een beter plan. Een verbinding van 1 Gbit/s is vooral interessant als je regelmatig grote bestanden binnenhaalt of juist verstuurt.
Hoe snel is glasvezel precies?
Tegenwoordig zijn er zelfs glasvezelverbindingen van 2 Gbit/s of meer. Voor de meeste gezinnen zijn die niet noodzakelijk. Het is meer bedoeld voor bedrijven. In technisch opzicht heeft glasvezel veel ruimte voor hogere snelheden. Dat komt doordat de gegevens met lichtsignalen door heel dunne vezels worden verzonden. Wat de snelheid is die je als consument kunt gebruiken, hangt af van het abonnement, de netwerkapparatuur en de provider.
De maximale snelheid van glasvezel ligt nog veel hoger dan de snelheden die consumenten kunnen gebruiken. De kabel zelf is niet de beperking, maar de capaciteit van de provider des te meer. In de toekomst zullen onze snelheden nog eens enorm toenemen als de aanbieders de apparatuur aan beide uiteinden van de verbinding vernieuwen.
Wat is het verschil tussen de providers?
De ene provider is de andere niet. Zo gebruikt Ziggo bijvoorbeeld voor het laatste gedeelte naar de woning een coaxnetwerk in plaats van volledige glasvezel. Het netwerk bestaat voor een groot gedeelte uit glasvezel, maar in huis ligt coax. Dat merk je ook aan de snelheid. De provider biedt nu downloadsnelheden aan tot 2 Gbit/s, maar de uploadsnelheid is maximaal 120 Mbit/s. Inmiddels biedt Ziggo ook via het DELTA-netwerk volledige glasvezel aan, maar dan moet er wel een kabel van DELTA in je buurt liggen.
Bij KPN ben je aangesloten op volledige glasvezel. Daardoor zijn de snelheden symmetrisch. Dat houdt in dat je net zo snel kunt uploaden als downloaden. Voor veel mensen speelt dat mee in de keuze ‘Ziggo of KPN?’ Het is goed om te weten dat glasvezel misschien nog niet op jouw adres beschikbaar is.
Wifi en je internetsnelheid zijn niet gelijk
Dan nog iets anders: een abonnement van 1 Gbit/s betekent niet dat ieder apparaat in huis die snelheid ook altijd haalt. De snelheid tussen de provider en het modem is anders dan de snelheid van de wifi tussen het modem en een telefoon of laptop.
Afstand, muren en storing van andere netwerken kunnen allemaal invloed hebben op de uiteindelijke snelheid. Wil je precies weten wat je internetverbinding aankan, dan is het een goed idee om je computer met een geschikte netwerkkabel rechtstreeks op het modem aan te sluiten. Zo weet je precies of een trage verbinding door de provider komt of door het draadloze netwerk in huis.