InfoNu.nl > Wetenschap > Recht en wet > Strafrechtartikelen afkorten uit het wetboek van strafrecht

Strafrechtartikelen afkorten uit het wetboek van strafrecht

Strafrechtartikelen afkorten uit het wetboek van strafrecht Hoe kan iemand foutloos strafrechtartikelen afkorten uit het wetboek van strafrecht leren? Afkortingen van wetsartikelen worden overal gebruikt zoals In handboeken strafrecht, dagvaardingen, rechterlijke uitspraken, op verbodsborden en meer. Wetsartikelen worden volgens vaste afspraken opgesteld en daarmee wordt de desbetreffende afkorting bepaald. Wie die afspraken kent, kan zonder probleem elke wetsartikelaanduiding leren ontcijferen, hoe ingewikkeld die in eerste instantie ook lijkt. Latijnse telwoorden en alle combinaties cijfers, letters of meer dan één alinea aanhalen, zijn een fluitje van een cent. In hapklare brokken wordt in een praktische handleiding op een eenvoudige en beknopte manier uitgelegd hoe de wetgever de vaste afspraken in het wetboek van strafrecht heeft verwerkt. Dit met zo weinig mogelijk theorie en des te meer praktijk.

Inhoud


Wetsartikelen van het wetboek van strafrecht worden vastgelegd volgens een 'afgesproken' systeem. De overheid is namelijk op grond van de aanwijzing voor de regelgeving verplicht om volgens bepaalde regels al zijn wetsartikelen te ontwerpen. Zo ook de bepalingen - de wetsartikelen - in het wetboek van strafrecht. Daaruit volgt dat de manier waarop wetsartikelen worden aangehaald en afgekort ook vaste patronen volgen. Hoe steekt dat in elkaar? Na een korte bespreking van de globale indeling van het wetboek van strafrecht, volgt de praktijk. Het volgende dient daarbij te worden meegenomen:
  • De toelichting gebruikt telkens artikelen uit het wetboek van strafrecht als voorbeeld.
  • Het wetboek van strafrecht wordt in dit artikel aangehaald met de afkorting 'WvSr'.
  • Afkortingen van de afzonderlijke wetsartikelen in het wetboek van strafrecht worden afgesloten met 'Sr'

De 'boeken' van het wetboek van strafrecht

Alle wetsartikelen die in het WvSr staan, zijn in over drie groepen verdeeld. Die groepen (mega hoofdstukken) worden 'boeken' (boek 1, boek 2 en boek 3) genoemd. In officiële documenten zoals een wetsontwerp en in het wetboek zelf, worden de boeken schriftelijk aangehaald als volgt:
  • Eerste boek;
  • Tweede boek;
  • Derde boek.

Het gebruik van de term 'boek' is wat verwarrend. De (verkeerde) conclusie dat het WvSr uit drie afzonderlijke delen bestaat, ligt gauw op de loer. Het WvSr bestaat gewoon uit één exemplaar, het is één wetboek en de drie boeken zijn van gelijkwaardig niveau. Boek 1 is niet ondergeschikt aan 2 of 3 en andersom ook niet. Dat het één wetboek betreft wordt benadrukt door het gebruik van doorlopende artikelnummering. Het is niet zo dat boek 2 weer begint met een artikel 1. Het WvSr kent maar één artikel 1, één artikel 2 enz.

Het gebruik van het woord 'artikel'

Alle bepalingen worden voorafgegaan door het woord 'artikel'. De aanhef 'artikel' kan worden afgekort tot 'art'. Een reeks artikelen kan worden ingeluid met de afkorting 'artt'. Bijvoorbeeld: Art. 6 Sr en artt. 6 en 7 Sr.
Na het woord 'artikel' volgt – na een spatie - telkens een nieuw, authentieke 'code', dat is de artikelaanduiding of anders gezegd de aanhef.

Het vermelden van slechts artikel en aanduiding zoals 'art. 1' is meestal niet genoeg. Het vermelden van het relevante wetboek wordt gebruikt om misverstanden te voorkomen. Strafrechtwetgeving bestaat uiteraard uit meer dan het WvSr alleen. Andere strafrechtwetten zijn bijvoorbeeld de wet wapens en munitie (WWM) of de opiumwet (OW). Wat wordt nu bedoeld met art 1? Het is duidelijk dat artikel 1 WvSr een hele andere is dan artikel 1 WWM of artikel 1 OW.

De artikelen in het WvSr lopen qua nummering door van artikel 1 tot en met artikel 474. Wanneer gesproken wordt over 'artikel 474' of '474', dan is dat vakjargon (voor kenners) voor artikel 474 Sr. Het is in deze context duidelijk dat hier het WvSr wordt bedoeld.

Wetsartikelen hebben minimaal een cijfer(reeks)

Iedere artikelaanduiding is uniek en wordt nergens meer in het WvSr herhaald. Een aanduiding bestaat in ieder geval altijd uit een cijfer(reeks). Dat was de start van de nummering van het WvSr. Na de aanduiding volgt een spatie en wordt het geheel afgesloten met de afkorting Sr. Dat geeft aan uit welke wet het artikel komt.

Aanduiding van artikelen met een cijferaanduiding zijn bijvoorbeeld: art 9 Sr, art 83 art Sr en 134 Sr. In officiële documenten wordt 'wetboek van strafrecht' volledig uitgeschreven, bijvoorbeeld: Artikel 197 wetboek van strafrecht.

Hoe letters in de aanhef van wetsartikelen verwerkt worden

Wetgeving is voortdurend in beweging. Soms is de wetgever genoodzaakt om nieuwe wetsartikelen aan bestaande wetgeving toe dan wel in te voegen. Om het systeem begrijpelijk te houden die de wetgever toepast, is het handig om te weten waarom en bepaalde systematiek wordt gevolgd. Die kennis helpt ook bij het afkorten. Het gebruik van allerlei variaties gaat terug naar de noodzaak wetten tussen bestaande wetgeving te willen plaatsen of willen aanvullen en de knelpunten die daardoor ontstaan op te willen lossen. Het geeft meteen aan waarom het WvSr voor de leek een wirwar lijkt, terwijl het dat niet is. De wetgever heeft diverse opties bedacht om het wetboek te stroomlijnen.

Het toevoegen van nieuwe wetsartikelen kan bijvoorbeeld plaatsvinden door het - zonder spatie - toevoegen van een alfabetletter aan een cijfer(reeks), zoals: het toevoegen van nieuwe artikelen tussen artt. 37Sr en 38 Sr als volgt: 37 Sr, 37a Sr, 37b Sr, 37c Sr, 38 Sr enz. Het gebruik van een cijferreeks en één alfabetletter komt vaak voor.

Dat er wetsartikelen zijn met een cijferreeks en alfabetletter, lijkt nu - na enige uitleg - niet zo verwarrend meer en de wirwar valt ook wel mee.

Strafrechtartikelen afkorten met Latijnse telwoorden

In het (verre) verleden gebruikte de wetgever Latijnse telwoorden. Een voorbeeld daarvan is de artikelenreeks van vervallen wetgeving na art. 39 Sr: art. 39bis Sr (twee), art 39bis a Sr (twee a), art. 39ter Sr (drie), art. 39quater (vier), art. 39quinquies Sr (vijf), art. 39 sexies Sr (zes), art. 39septies Sr (zeven), art. 39octies Sr (acht), art. 39novies Sr (negen) en art 39 decies Sr (tien). Het telwoord wordt gelijk achter het artikelnummer geschreven zonder spatie.

Het gebruik van Latijnse telwoorden raakte in onbruik en werd overgenomen door alfabetletters. NB: Bij het toevoegen van nieuwe wetgeving aan een bestaande reeks artikelen met een Latijnse telwoord, wordt nog steeds het Latijnse telwoordsysteem gebruikt. Voorbeelden van artikelen met een cijferaanduiding samen met een Latijnse telwoord zijn art. 161bis Sr en art. 420quater Sr.

Na de aanhef volgt de wettelijke bepaling

In het WvSr volgt op de artikelverwijzing een uitgeschreven wettelijke bepaling (wetartikel). Het WvSr is een verzameling zelfstandige, gelijkwaardige (straf) bepalingen. Bijvoorbeeld: de artikelen 300 Sr, 301 Sr en 302 Sr zijn zelfstandige strafbepalingen voor achtereenvolgens eenvoudige mishandeling, mishandeling met voorbedachte rade en ernstige mishandeling. Ook hier weer zijn er allerlei opties mogelijk voor de opbouw van en wetsartikel.

Geen enkel artikel is ondergeschikt aan de ander. Zij hebben een eigen bestaansrecht. De artikelen 300 Sr, 301 Sr en 302 Sr zijn daarom afzonderlijk genummerd. De wetgever benadrukt daarmeee dat het op zichzelf staande, gelijkwaardige strafbepalingen betreft (in dit voorbeeld duidelijk steeds een stap ernstiger van aard en daarom een zwaardere straf waard).

Veel artikelen in het WvSr bestaan uit één zin of één alinea. Dit maakt afkorten heel eenvoudig, want dat is gewoon de aanhef. Voorbeelden: art. 2 Sr en art 40 Sr:
Artikel 2 Sr ( aan te halen als art. 2 Sr):
"De Nederlandse strafwet is toepasselijk op ieder die zich in Nederland aan enig strafbaar feit schuldig maakt."

Artikel 40 Sr (aan te halen als art. 40 Sr):
"Niet strafbaar is hij die een feit begaat waartoe hij door overmacht is gedrongen."

Schrijfwijze leren van meer alinea's in één wetsartikel

Regelmatig heeft de wetgever meer armslag nodig om iets duidelijk uit te drukken. Dat kan niet met één zin of paragraaf (alinea). Wanneer het nodig is, deelt de wetgever een wetsartikel op in paragrafen en geeft aan iedere paragraaf een cijfer mee. Een dergelijke paragraaf wordt een lid genoemd (meervoud is leden). Bij het aanhalen wordt na het woord 'lid' het cijfer van de desbetreffende paragraaf ook aangegeven en afgesloten met Sr. Bijvoorbeeld:
"Artikel 308
1. Hij aan wiens schuld te wijten is dat een ander zwaar lichamelijk letsel bekomt of zodanig lichamelijk letsel dat daaruit tijdelijke ziekte of verhindering in de uitoefening van zijn ambts- of beroepsbezigheden ontstaat, wordt gestraft met gevangenisstraf van ten hoogste een jaar of geldboete van de vierde categorie.
2. Indien de schuld bestaat in roekeloosheid, wordt hij gestraft met gevangenisstraf van ten hoogste twee jaren of geldboete van de vierde categorie.'


Hoe wordt dit aangehaald? Artikel 308 Sr wordt afgekort weergegeven met art. 308 lid 1 Sr of art 308 lid 2 Sr of art. 308 leden 1 en 2 Sr. Andere voorbeelden van afkortingen van een enkel lid uit één artikel zijn art. 279 lid 2 Sr, art. 350a lid 4 Sr en art. 225 lid 1 Sr. Tussen 'lid' en het cijfer komt een spatie.

Meer leden aanhalen uit één artikel: art 248 leden 1, 5, 7 en 8 Sr of bijvoorbeeld art. 248 lid 2 en 3 Sr. In een wettelijke bepaling zelf wordt door de wetgever een verwijzing naar een lid als volgt geschreven: art 207, derde lid Sr. Dit is hetzelfde als art 207 lid 3 Sr.

Bijzondere combinaties in het wetsartikel aanduidingen

De ouderdom van het WvSr speelt de overheid vaker parten, omdat het alfabetsysteem niet meer afdoende is en allerlei nieuwe technieken moeten worden bedacht om correct te kunnen nummeren en tussenvoegen. Daarbij dienen de nieuwe technieken de leesbaarheid niet te verstoren. De volgende variaties bieden uitkomst.

Het gebruik van dubbele ongelijke letters

De aanhef van wetsartikelen met dubbele ongelijke letters is een oplossing voor de volgende vraag: hoe voegt de wetgever nieuwe wetsartikelen toe aan een reeks dat al van alfabetletter is voorzien? De wetgever heeft dit opgelost door aan het nieuwe artikel een extra alfabetletter toe te voegen (vanaf de letter a).
Voorbeeld: art. 38i Sr, art. 38j Sr, art. 38k Sr, art. 38l Sr, art. 38la Sr, art. 38lb Sr, en dan door met art. 38m Sr…….
Of zoals na 77w Sr: art 77u Sr, art 77 v Sr, 77w Sr, 77wa Sr, 77wb Sr, 77wc Sr, 77wd Sr.

Het gebruik van Latijnse telwoorden en letter in de aanhef

Aangezien het gebruik van Latijnse telwoorden op zijn retour is en veel wetgeving dat daarmee wordt aangeduid al vervallen is verklaard, komt deze combinatie heel weinig voor. Een van de weinige voorbeelden is art 39bis a Sr.

Het gebruik van dubbele gelijke letters

Er wordt zeer beperkt gebruik gemaakt van de combinatie cijfers en meervoudige, gelijke letters in het WvSr (aa,bb, cc enzovoorts). De wetsartikelen jeugdstrafrecht zijn daarop de uitzondering. De aanduiding voor in te voegen jeugdstrafwetgeving vroeg wat denkwerk van de wetgever. Combinaties dienen de leesbaarheid altijd ten goede te komen. De wetgever zag zich gedwongen om op een gegeven moment dezelfde, dubbele letters te gebruiken. Het gebruik van deze nummering wordt alleen aangetroffen in het jeugdstrafrecht zoals in de reeks: 77x Sr, 77y Sr, 77z Sr, 77za Sr, 77aa, 77bb, 77cc ………. enzovoorts.

Dubbele gelijke letters en een alfabetletter

Indien aan een dubbele, gelijke reeks tussengevoegd moet worden, dan herleeft het gebruik van de letters a, b, c, enz. De aanduiding krijgt naast getallen dan drie alfabet letters.
Bijvoorbeeld: Na art 77cc Sr is art 77cca Sr toegevoegd.
Voorbeeld reeks 77x Sr, 77y Sr, 77z Sr, 77za Sr, 77aa Sr, 77bb Sr, 77cc Sr, 77cca Sr, 77dd Sr, 77ee Sr, 77ff Sr enz……….

Opdelen van een alinea in opsommingen

Soms wordt een paragraaf (alinea) opgedeeld in onderdelen in de vorm van een opsomming. Een opsomming krijgt als volgt cijfers mee: 1°, 2°, 3° enz. Voorbeeld:

Artikel 400
1. Met gevangenisstraf van ten hoogste zes maanden of geldboete van de derde categorie wordt gestraft:
1°. de opvarende van een Nederlands vaartuig die opzettelijk enz;
2°. de opvarende van een Nederlands vaartuig die, wetende enz;
3°. de opvarende van een Nederlands vaartuig die, kennis enz;
4°. de opvarende, niet zijnde schepeling, van een Nederlands vaartuig enz .
2. De onder 3° vermelde bepaling is niet van toepassing indien de insubordinatie niet is gevolgd.


Dit wordt aangehaald met gebruik van het woord 'onderdeel: art 400 lid 1 onderdeel 3°. De variant 400 lid 1 sub 4° komt ook vaak voor. Sub betekent 'onder'.

Soms moet gebruik worden gemaakt van meer opsommingen in een en dezelfde bepaling.
Het volgend artikel maakt het goed inzichtelijk:

Artikel 22b
1. Een taakstraf wordt niet opgelegd in geval van veroordeling voor:
a. een misdrijf waarop naar de wettelijke enz;
b. een van de misdrijven omschreven in de artikelen 181, 240b, 248a, enz.
2. Een taakstraf wordt voorts niet opgelegd in geval van veroordeling voor een misdrijf indien:
1° aan de veroordeelde in de vijf jaren voorafgaand aan het door hem begane feit wegens een soortgelijk misdrijf een taakstraf is opgelegd, en
2° de veroordeelde deze taakstraf heeft verricht dan wel op grond van artikel 22g de tenuitvoerlegging van de vervangende hechtenis is bevolen.
3. Van het eerste en tweede lid kan worden afgeweken.


Het gebruik van een opsomming met alfabetletters (lid 1) en daarna met cijfers (lid 2) maakt wetsteksten heel overzichtelijk.
Voorbeeld van afkortingen: Art. 22b lid 1 onderdeel a Sr, art 22b lid 1 onderdeel b Sr, art 22b lid 2 onderdeel 1° Sr, art 22b lid 2 onderdeel 2° Sr .

Een andere variant staat in artikel 9 Sr. Daar is in lid 1 een onderverdeling gemaakt in een a en b en daar weer onder een verdere verdeling in cijfers.

Artikel 9
1. De straffen zijn:
a. hoofdstraffen:
1°. gevangenisstraf;
2°. hechtenis;
3°. taakstraf;
4°. geldboete;
b. bijkomende straffen:
1°. ontzetting van bepaalde rechten;
2°. verbeurdverklaring;
3°. openbaarmaking van de rechterlijke uitspraak.
2. Ten aanzien van misdrijven die worden bedreigd met een vrijheidsstraf of een geldboete enz.

Afkorten gaat als volgt met gebruik van de woorden 'onderdeel'en 'onder': art 9 lid 1 onderdeel a onder 2° Sr of art 9 lid 1 onderdeel b onder 1°.

Het gebruik van 'juncto'

Soms dienen wetsartikelen in verband met elkaar te worden gelezen. Dat wordt aangegeven door het gebruik van het woord 'juncto'. Dit is een Latijnse term en betekent in verband met. Het wordt afgekort met 'jo'. Voorbeeld: art. 312 jo art 313 Sr.

Met een beetje logica en kennis is strafrechtartikelen afkorten van het wetboek van strafrecht veel gemakkelijker dan in eerste instantie doet vermoeden.

Lees verder

© 2015 - 2017 Meus, het auteursrecht van dit artikel ligt bij de infoteur. Zonder toestemming van de infoteur is vermenigvuldiging verboden.
Gerelateerde artikelen
Het algemeen deel van het Wetboek van StrafrechtHet algemeen deel van het Wetboek van StrafrechtEen van de belangrijkste onderdelen van het Nederlandse rechtssysteem is het Strafrecht. Het strafrecht is vastgelegd in…
Het recht: beslissingsschemaHet recht: beslissingsschemaHet beslissingsschema van artikel 350 Strafvordering heeft betrekking op elk strafproces. Voordat de rechter naar een za…
Soorten strafrechtSoorten strafrechtHet Nederlandse rechtssysteem kent vele soorten rechten en wetten die allemaal onder de noemer 'strafrecht' vallen. In d…
De telwoorden in het NederlandsDe telwoorden in het NederlandsTelwoorden kunnen een precies getal aangeven, een nummer of een volgorde in een reeks. We onderscheiden bepaalde en onbe…
Het recht: wetboekenHet recht: wetboekenBinnen het recht bestaan verschillende rechtsbronnen, waarvan de wet veruit de belangrijkste is. De wet is ingedeeld in…
Bronnen en referenties
  • Inleidingsfoto: 193584 / Pixabay
  • http://wetten.overheid.nl/BWBR0005730/2011-05-11 en de aanwijzing voor de regelgeving, bezocht op 27 februari 2016;
  • http://maxius.nl/wetboek-van-strafrecht, bezocht op 27 februari 2016.

Reageer op het artikel "Strafrechtartikelen afkorten uit het wetboek van strafrecht"

Plaats als eerste een reactie, vraag of opmerking bij dit artikel. Reacties moeten voldoen aan de huisregels van InfoNu.
Meld mij aan voor de tweewekelijkse InfoNu nieuwsbrief
Infoteur: Meus
Laatste update: 03-03-2017
Rubriek: Wetenschap
Subrubriek: Recht en wet
Special: Nederlandse strafwetten
Bronnen en referenties: 3
Schrijf mee!