InfoNu.nl > Wetenschap > Recht en wet > Rechtsbronnen: de Rechtspraak

Rechtsbronnen: de Rechtspraak

Naast onze Wet is de Rechtspraak een zeer belangrijke rechtsbonnen binnen ons rechtssysteem. Rechters leggen wetten namelijk uit, ze interpreteren en vormen zo dus vaak nieuwe regels. Zo ontstaat naast de Wet een geheel van regels gemaakt door de rechter, ook wel bekend als jurisprudentie.

De rechter en de wet

In onze huidige samenleving is ons recht vastgelegd in wetten en regels in verschillende wetboeken. Het is de taak van de rechter om deze wetten en regels op de juiste manier toe te passen en uit te leggen. Het toepassen en uitleggen van een wet of regel wordt ook wel interpretatie genoemd en wordt vandaag de dag veel gebruikt. Vroeger was het echter niet allemaal zo vanzelfsprekend. Het recht was niet vastgelegd in wetboeken, het was niet gecodificeerd. Hierdoor was er dus ook geen mogelijkheid om de wet uit te leggen, waardoor de opvattingen van de rechter eigenlijk de enige vorm van recht was. Dit pakte in vele gevallen vaak niet goed uit, vooral ook omdat rechters in die tijd (1789) nogal eens negatief werden beïnvloed door andere staatsmachten. Zo werden mensen vaak ongekend hard gestraft, meestal zonder proces en zonder wettelijke regels die iemand vertelde wat hij of zij wel of niet mocht doen. De rechters hadden het heft in handen en konden dus doen en laten wat zij wilden.

Ik spreek hier over de tijd van de Franse Revolutie, welke in 1789 in Frankrijk begon. De Franse bevolking kwam destijds in opstand tegen de vele misstanden van de 18de eeuw. Ook wetgeving en rechtspraak werden in die tijd aan de kaak gesteld en na de Revolutie kwamen er dan ook drastische veranderingen. Men koesterde een drang naar codificatie (vastleggen van wetten in boeken) en naar een onpartijdige en onafhankelijke rechtspraak. In de eerste helft van de 19de eeuw ontstonden, ook in Nederland, de eerste wetboeken. Deze boeken moesten er voor zorgen dat mensen wisten welke regels er golden en dat ook rechters aan regels werden gebonden. In de 19de eeuw ontstond daarom de legistische opvatting.

In het legisme is alleen plaats voor de wet, niet voor de uitleg van de rechter. De rechter mag enkel de wetsartikelen toepassen, niet uitleggen en dus niet interpreteren naar zijn eigen mening. Deze legistische opvatting is verankerd in onze Wet Algemene Bepalingen (Wet AB). In art. 11 Wet AB staat duidelijk dat de rechter volgens de wet moet rechtspreken en dat zijn mening over de inhoud van de wet niet van belang is. Deze wet duidt duidelijk op de Trias Politica (scheiding van machten), de wetgever maakt de wet, de rechter past deze toe en mag daarbij dus niet in de schoenen van de wetgever treden door er zijn eigen draai aan te geven. In het begin van de 19de eeuw was de wet dus eigenlijk de enige rechtsbron (Rechtsbronnen: de Wet). Daarnaast zag men de wet als volledig, een interpretatie of uitleg door een rechter was dus niet nodig. Art. 13 Wet AB sluit perfect aan op art. 11 Wet AB. In dit artikel wordt de rechter namelijk verboden om rechtspraak te weigeren als de wet voor hem onduidelijk of onvolledig is. De rechter was dus enkel de mond van de wet, zoals Montesquieu dat ooit zo mooi verwoordde.

Achteraf bleek de wet toch niet zo volledig als men aanvankelijk dacht. De wet alleen gaf niet genoeg voldoening en er was behoefte aan uileg van regels. De Wet Algemene Bepalingen is echter nog steeds onderdeel van onze wet en dus ook de hierboven genoemde artikelen. Het legisme is dus nog steeds in onze wet verankerd en wordt nog gebruikt, al is het in een gematigde vorm. De machtenscheiding is gebleven, maar de rechter heeft wel meer vrijheden gekregen en mag interpreteren. Zo is er in de loop der tijd een geheel aan regels gevormd, welke voortvloeien uit de rechtspraak.

De rechtsvinding

Tegenwoordig heeft de rechter dus wel de bevoegdheid om wetten te mogen interpreteren. Dit betekent voor hen dat ze niet enkel de wet moeten oplezen en toepassen, maar ze moeten de wet ook uitleggen naar hun eigen inzichten. Als een wet onduidelijk is of onvolledig, kan de rechter de wet zelfs aanvullen. Het vormen van zulke aanvullingen en het geven van uitleg wordt ook wel rechtsvinding genoemd en maakt de rechtspraak tot een rechtsbron.

Art. 11 Wet AB bepaalt voor de rechter dat hij gebonden is aan de wet. Er is echter geen enkel artikel of rechtsregel die de rechter oplegt om zich ook aan de jurisprudentie te houden en dus is de rechter niet gebonden aan deze eerder uitspraken. In praktijk zullen de rechters elkaars uitspraken echter wel gebruiken en proberen tot een zelfde soort uitspraak te komen. Dit bevordert de rechtszekerheid, mensen weten waar ze aan toe zijn en weten dat ze vertrouwen kunnen stellen in de rechterlijke macht. Het ‘hergebruiken’ van eerdere uitspraken wordt ook wel constante jurisprudentie genoemd en wordt gewoonlijk wel door de Hoge Raad (ons hoogste rechtscollege) gehandhaafd. De Hoge Raad verandert zelden van mening en volgt daarom ook trouw haar eigen jurisprudentie. Vaak nemen lagere rechters dit over en zijn ook geneigd om jurisprudentie van de Hoge Raad als leidend te zien.

Samengevat

Naast de Wet kennen wij tegenwoordig ook de Rechtspraak als rechtsbron. Door interpretatie van de rechter ontstaan vaak nieuwe rechtsregels, waardoor de rechter opnieuw recht vormt. Dit is niet altijd vanzelfsprekend geweest. Vroeger waren onze wetten niet gecodificeerd en baseerden rechters hun vonnissen enkel op hun eigen mening. Dit veranderde met de codificaties in de 19de eeuw na de Franse Revolutie. Het legisme kwam op en de wet was de enige rechtsbron. De rechter paste enkel toe, zijn mening deed er niet toe. Tegenwoordig mag de rechter wel interpreteren en doet aan rechtsvorming. Hierdoor ontstaat een geheel van regels, samen de jurisprudentie.

Lees verder

© 2010 - 2017 Maria_louise91, het auteursrecht (tenzij anders vermeld) van dit artikel ligt bij de infoteur. Zonder toestemming van de infoteur is vermenigvuldiging verboden.
Gerelateerde artikelen
Rechtsbronnen: de GewoonteRechtsbronnen: de GewoonteDe derde rechtsbron die wij in ons Nederlandse recht kennen, is de Gewoonte. Dit zijn bindende rechtsregels, welke niet…
Interpretatiemethoden binnen de rechtspraakInterpretatiemethoden binnen de rechtspraakOnze wetten zijn vaak moeilijk te begrijpen en vragen vaak om uitleg. Deze uitleg wordt gegeven door een rechter, die de…
Recht: wat is recht en welke disciplines van recht zijn er?Recht: wat is recht en welke disciplines van recht zijn er?Met de vraag “Wat is recht?’ wordt eigenlijk meestal bedoeld wat het geldend recht is. Maar om te weten waar recht vanda…
Uittreksel "Inleiding in het Nederlandse recht"Dit is een uittreksel van het eerste hoofdstuk (Recht in het algemeen) van het boek "Inleiding in het Nederlandse recht"…
Rechtspraak: Welke mogelijkheden zijn er?Er zijn in Nederland drie soorten gerechten die tot de rechterlijke macht behoren. Dat zijn de rechtbanken, de gerechtsh…
Bronnen en referenties
  • 'Inleiding in het Nederlandse recht', Mr. J.W.P. Verheugt, vijftiende druk.

Reageer op het artikel "Rechtsbronnen: de Rechtspraak"

Plaats een reactie, vraag of opmerking bij dit artikel. Reacties moeten voldoen aan de huisregels van InfoNu.
Meld mij aan voor de tweewekelijkse InfoNu nieuwsbrief
Ik ga akkoord met de privacyverklaring en ben bekend met de inhoud hiervan
Reactie

Mila, 09-12-2013 15:03 #1
Een heerlijke verfrissende uitleg die men gelijk snapt. In studieboeken wordt dit soms zo ontzettend ingewikkeld uitgelegd, …
Dank je

Infoteur: Maria_louise91
Laatste update: 05-09-2010
Rubriek: Wetenschap
Subrubriek: Recht en wet
Special: Rechtsbronnen
Bronnen en referenties: 1
Reacties: 1
Schrijf mee!